Tijdens een kennismakingsgesprek met een potentiële opdrachtgever hoorde ik het volgende verhaal uit de praktijk van Het Nieuwe Werken. Een bestuurder van een beroepsvereniging overwoog Het Nieuwe Werken in zijn bedrijf terug te draaien. Sinds de invoering van de nieuwe werkwijze was het vrijwel onmogelijk meetings in te plannen met een aantal van zijn MT-leden. En dat begon hem te ergeren. 

Op een gegeven moment vroeg de directeur aan de secretaresse om inzage in de agenda van het MT-lid dat nooit tijd had. Niet uit wantrouwen, maar omdat hij wilde begrijpen waar het probleem lag. Nou, dat bleek al snel. De manager in kwestie had steevast drie middagen per week als ‘thuiswerkmiddag’ in haar agenda geblokkeerd.

De directeur was verbaasd. Hij vond het geen enkel probleem dat de mensen thuis werkten, maar in zijn beleving was het wel de bedoeling dat medewerkers – en zeker een MT-lid - beschikbaar zouden zijn voor afspraken op locatie als dat zo uitkwam. Het MT-lid dacht daar echter anders over. Zij had vaste thuiswerkmiddagen, omdat zij na schooltijd thuis op haar kinderen paste. Zij bracht die middagen weliswaar braaf achter haar computer door en was telefonisch bereikbaar, maar vanwege haar privésituatie kon ze nooit besprekingen op kantoor hebben.

De moraal van dit verhaal: voordat je Het Nieuwe Werken binnen je team introduceert, denk goed na over een aantal spelregels. Wat is voor jullie Het Nieuwe Werken, wat kan wel en wat kan niet? Maak duidelijke afspraken over thuiswerken, bereikbaarheid en de frequentie van face-to-face contact.

Mijn advies aan deze directeur zou zijn om juist niet te stoppen met Het Nieuwe Werken, maar om nu door te zetten. Kennelijk heeft hij wel een ‘basisvertrouwen’ in zijn medewerkers, dat is mooi, dat is al stap 1.  Nu nog een paar duidelijke afspraken en dan gaan.

Marianne Sturman

Dit artikel is ook gepubliceerd op re.Public

 

  • TAGS:  , ,
  • CATEGORIE:  Praktijkvoorbeelden
  • Geen reacties

    Reageren

    (verplicht)